Simplexity werd geschreven door Jeffrey Kluger, een wetenschapsjournalist met een advokatenopleiding. Het is een licht boek over eenvoudige principes aan de basis van complexe systemen of schijnbaar simpele dingen die ontzettend complex zijn. Kikkervisjes worden met sterren vergeleken, je krijgt een tipje van de sluier opgelicht over de ontzettende complexe ‘bewegingen’ gedurende de noodevacuatie bij de WTC-torens en de onvoorspelbaarheid van beursbewegingen. Sommige fenomenen geven de indruk een opstapeling te zijn van allerlei ‘toevallige’ details. Een eerder tragi-komisch detail bij de evacuatie van de WTC-torens was dat in de tijd van de constructie van de torens Amerikanen de helft zo zwaar waren dan nu. De breedte van de traphallen kon onmogelijk voldoende ruimte geven aan de ‘voorziene’ twee personen die naast elkaar naar beneden lopen, daarbij komt nog dat zwaardere mensen meestal trager zijn.

Bange garnalen hebben een hartslag van 1500 slagen per minuut en een walvis heeft genoeg aan 15 slagen per minuut. Walvissen leven vaak langer dan 100 jaar. Sommige systemen zijn efficiënter dan andere, zelfs zonder verschil in complexiteit, gewoon door de grootte.
Het boek staat vol weetjes waarmee je mensen kan amuseren op een saaie autorit. De horizontale manier om de problematiek van complexe systemen te benaderen vind ik heel zinvol. Er wordt vaak verwezen naar het Santa Fe Institute die een hele andere onderzoeksmethode gebruiken dan instellingen waar vaak per vak gedacht wordt. Er wordt op zoek gegaan naar de simpele principes die aan de basis kunnen liggen van een complexe realiteit.
Het boek heeft als belangrijkste boodschap dat als je kan bepalen of iets complex of simpel is, je dan dichtbij het begrip van het fenomeen zit. Zo zit een kikkervisje erg complex in elkaar, het is een combinatie van verschillende systemen bestaande uit subsystemen en cellen, allemaal op elkaar afgestemd, terwijl een ster iets magisch lijkt maar in feite ’slechts’ een vuurbal is. Allerlei invloeden verblinden ons perspectief op fenomenen. Kluger beweert dat we bij het bestuderen van een systeem vaak misleid worden door instincten, de schaal van iets, schoonheid, sociale structuur,… Als we meer inzicht krijgen in deze misleidingen, zouden we ze beter kunnen vermijden. Op zich is die claim ook een complex gegeven. Is het zo dat je er voldoende aan hebt te weten dat iets zich voordoet om het te veranderen bij jezelf? Hoe verhouden weten, motivatie en actie zich tot elkaar?
Wat complexiteit nu eigenlijk is wordt slechts heel kort behandeld in het boek. Ergens in het begin wordt er wel een poging tot definiëren ondernomen waarbij er nagegaan wordt hoeveel zinnen iemand nodig heeft om een fenomeen uit te leggen aan een leek, als maatstaf voor de complexiteit van een fenomeen.
Een mooi voorbeeld van een complex object is het potlood. Economisch gezien is het potlood een ongelooflijk complex ding omdat het is samengesteld uit verschillende materialen, die ook nog eens lange bewerkingsprocessen vergen. Cederhout uit Canada, Bauxiet uit Jamaica voor het aluminium houdertje, polymeren voor de gom, kool voor de mine, maken allemaal deel uit van een gigantische industriële machine die deze schrijfstok als resultaat geeft. Anderzijds is tekens maken met een schrijfstok een eenvoudig principe, we doen het in het strand met een stok, op een rots met kool, met onze vinger op een bedampte ruit. Welke mechanismen in mijn hoofd en lichaam plaatsgrepen voor ik ‘I love you’ op een post-it kriebelde op de koelkast, lijken me dan weer heel complex.
Wat ik zou willen begrijpen en met welk doel lijkt me een belangrijke vraag in het onderzoek van complexe systemen. Dat was niet steeds duidelijk in het boek. In een eerder artikel op deze blog schrijf ik iets over syntheses. Om naar essenties op zoek te gaan, speur je best naar de statements dacht ik eerder. Misschien speur je nog beter naar waar iemand vandaan komt en waar die naartoe wil.

Leave a Reply